Duurzaamheid 2.0 in de praktijk. Deel 1: Energie

In vorige blogs beschreef ik dat de duurzaamheid van een systeem (bijv. ''de samenleving'') uiteenvalt in 2 elementen: stabiliteit en kwaliteit. Momenteel ligt het accent qua duurzaamheid in het bedrijfsleven op het (selectief) internaliseren van maatschappelijke kosten in de bedrijfsvoering. De toekomst voor duurzaamheid van de samenleving ligt in het transformeren naar business modellen en kernactiviteiten die per saldo bijdragen aan deze stabiliteit en kwaliteit. Komende blogs verken ik hoe dit in de praktijk zou kunnen werken. Vandaag een voor de hand liggend kansgebied: energie.

Energie is onze belangrijkste grondstof, dit behoeft weinig toelichting. Onze energievoorziening is in allerlei opzichten erg kwetsbaar. Zo zijn we bijvoorbeeld voor het overgrote deel afhankelijk van 1 bron: fossiele brandstoffen. De productie hiervan is lineair georganiseerd: de bron is niet hernieuwbaar. Sterker nog, het lijkt er op dat de productie van conventionele olie aan het pieken is, hetgeen grote problemen oplevert voor ons economisch systeem. Tevens gaat het vinden, produceren, transporteren en verbranden van fossiele brandstoffen gepaard met allerlei milieuproblemen.

worlds-oil-reserves

Daarnaast kent de gehele productieketen sterk centraliserende elementen. Ten eerste komt de meerderheid van de productie van fossiele brandstoffen voor rekening van een beperkt aantal landen. Dit levert allerlei politieke en militaire spanningen op. Ik heb een insider wel eens horen zeggen dat olie de meest gesubsidieerde energiebron is, als je alle uitgaven aan diplomatie en militaire operaties zou meetellen.

Ten tweede is door de hele keten heen sprake van oligopolistische tendensen, oftewel: er is een relatief beperkt aantal aanbieders. Dit geldt zowel voor productie en vermarkting van petroleum als voor energieopwekking en -distributie. Hier kan verstoring van marktwerking door optreden. Ook hebben deze aanbieders hun productie geconcentreerd op een relatief beperkt aantal lokaties. Hier zijn natuurlijk goede economische redenen voor, maar het verhoogt wel de kwetsbaarheid van het systeem. Ook blijven hierdoor latente energiebronnen - zoals lokale reststromen - onbenut.

De kansen voor duurzame business modellen liggen in de eerste plaats op diversificering van energiebronnen naar duurzamere, hernieuwbare bronnen. Bekende voorbeelden hiervan zijn natuurlijk zon- en windenergie. In de tweede plaats liggen de kansen op het gebied van decentralisatie: het dichter bijelkaar brengen van productie en consumptie. Denk hierbij bijvoorbeeld aan business modellen die faciliteren dat boeren, huishoudens of fabrieken hun eigen energie opwekken en het eventuele surplus terugleveren aan het net.

Energie is de economische sector die verreweg het meeste aandacht heeft van media, overheid, bedrijfsleven en kapitaalverschaffers waar het gaat om duurzaamheid. Voor mensen die zich met duurzaamheid bezig houden komt bovenstaande als het goed is bekend voor. Het wordt echt interessant als we straks dezelfde principes van hernieuwbaarheid/circulariteit en decentralisatie/diversificatie gaan toepassen op minder voor de hand liggende economische sectoren. Daar kunnen de ervaringen uit de energiesector dienen als referentiepunt.

Volg Ernesto Spruyt op Twitter

afbeelding van een bezoeker

Dubai als stad van de toekomst

Goed artikel. Ik zag laatst op TV dat Dubai als stad van de toekomst de energie stad van de wereld wil worden. In die regio zal over een tijdje het merendeel van de groene energie vandaan komen, als het aan Saudi-Arabië ligt. Duizenden kilometers aan zonnepaneel oppervlakte in de woestijn. De investeringen die daarmee gemoeid gaan, worden gefinancieerd door olie dollars.